Peter-André Alt over Schiller and Politics. Perspectives of an Aesthetic Enlightenment

donderdag 1 oktober 2009

Peter-André Alt (Freie Universität Berlin/ Friedrich Schlegel Graduate School of Literary Studies) geeft in de tweede Burgerhartlezing aan de hand van Schillers concept van de natiestaat een alternatieve interpretatie van de Verlichting.

Vorig jaar stonden in de lezing van Peter Reill de ´vitalisten' centraal, achttiende-eeuwse denkers die stelden dat de oorsprong van de natuur met het menselijk verstand nooit geheel te doorgronden is. Beiden betogen dat de Verlichting zich niet beperkte tot een strikt rationele benadering van de werkelijkheid. In dit Schiller-jaar stelt Alt de grote Duitse dramaschrijver centraal als pleitbezorger van een esthetische Verlichting.
Alt laat zien hoe Friedrich Schiller worstelde met de politieke dilemma's van zijn tijd en hoe hij niet alleen de Franse maar ook de Duitse nationale beweging kritisch en met wantrouwen volgde. Niet het politiek centralisme van de staat, maar het opvoeden van haar burgers tot ontwikkelde kunstbeschouwers diende volgens Schiller de basis van de natie te vormen. Schiller was van mening dat kunstbeschouwing tot een beter begrip van de maatschappelijke en politieke werkelijkheid kon leiden.
Als aanhanger van de Franse Revolutie was Schiller, zoals veel tijdgenoten, geschokt door de onthoofding van de Franse koning in 1793 en de Jacobijnse terreur. Twee jaar later publiceerde hij zijn brieven over de esthetische opvoeding der mensheid. Door onderwijs op het terrein van de esthetische ervaring te stimuleren zou de burger zich concepten als vrijheid en onafhankelijkheid eigen kunnen maken. In de meest ideale situatie maakt de staat hierdoor zichzelf overbodig. Zoals in de kunst schoonheid te maken heeft met het durven loslaten van regels, zo zou volgens Schiller ook de staat regels moeten durven loslaten om tot een ideale staat te komen.
Hoewel Schillers idealen na hedendaagse ervaringen met religieus fanatisme en ideologische terreur utopisch lijken, hebben ze niet aan actualiteit ingeboet. Schiller hield in zijn teksten voortdurend rekening met het menselijk tekort. Zijn literaire werk is een verkenning van dit menselijk falen. Het belang van zelfkritiek stond ook centraal in zijn definitie van een progressieve Verlichting: het vermogen tot onafhankelijke kritisch reflectie.

Voertaal: Engels

1228

logo

Burgerhartlezing

1 oktober 2009
Aanvang: 20.00 uur

Toegang: € 6,50 / € 5,50 (CJP, studenten)

Felix Meritis
Keizersgracht 324
Amsterdam
T: 020 626 23 21
Reserveren: via de website van Felix Meritis
F. 020 924 93 68
E: receptie@felix.meritis.nl
website


Organisatie:
De Burgerhartlezing 2009 wordt mede mogelijk gemaakt door SNS REAAL Fonds en het Fonds voor de Geld- en Effectenhandel.