E-readers en iPads

door Kasper van Royen

(31 mei 2010)

Een goede vriend had vol trots op zijn Facebook vermeld dat hij een E-Reader gekocht. Sinds ik hem ken heb ik hem nooit op het lezen van een boek kunnen betrappen, maar in een paar maanden tijd verslond hij de godganse wereldliteratuur op dat apparaat.

Daarna verkocht hij hem weer via Marktplaats, om het geld te kunnen investeren in een iPad. Deze vriend houdt van technische snufjes en wil de eerste zijn die een product (het liefst van Apple) in huis heeft, maar raakt er ook altijd weer snel op uitgekeken. Wanneer iedereen zo’n ding heeft, vindt hij er niets meer aan.

Veel van mijn vrienden lopen bij psychologen, psychiaters en aromatherapeuten. Deze vriend niet. Hij heeft weinig nodig om gelukkig te zijn. Zijn enige excentriciteit – de obsessie met peperdure ‘gadgets’ – wordt door hemzelf als een ridicule hobby beschouwd. In die zin staat hij er boven en ironiseert daarmee alles wat hem gelukkig zou moeten maken en dát is nou precies wat hem daadwerkelijk gelukkig maakt. Hij is een levenskunstenaar. Ik ben jaloers op hem. Ik zou nooit op de E-Reader uitgekeken durven raken. Ik zou hem koesteren als mijn kostbaarste bezit. Ik zou hem zo erg koesteren, dat ik er aan onderdoor zou gaan. Daarom koop ik zo’n ding maar liever helemaal niet.

Misschien dat in de vorm van E-Readers en iPads mijn vriend wel de code van het universum gekraakt heeft en de vergankelijkheid van het leven volledig kan omarmen. Hij weet bij voorbaat dat de dingen slechts een beperkte tijd leuk zijn en die kennis intensiveert alleen maar het plezier dat hij aan ze beleeft. Terwijl dit het voor mij alleen maar zou vergallen en ik er daarom maar helemaal niet aan begin. Ik leef in angst, totaal verkrampt. Wanneer de liefde ook maar een beetje gaat bekoelen, lijkt het alsof de liefde er voor niets is geweest. Terwijl de liefde natuurlijk alleen maar kan bestaan doordat ze weer moet verdwijnen. Mijn vriend begrijpt dit. Hij gaat dansend met zijn gadgets het leven door, terwijl ik mijn eigen disfunctionerende gadget ben.

Maar waarschijnlijk zouden wij niet bevriend zijn als de rollen anders waren verdeeld. Hij kan zich namelijk nooit zo van zijn geluk bewust zijn als ik dat van mijn ongeluk ben. En het bewustzijn is een waarde op zich, omdat het de kaders biedt waarbinnen het geluk begrepen kan worden. Ook zijn geluk. Mijn ongeluk dient dus een doel en mag zich daarom gelukkig prijzen.

Een psychoanalyticus zou wellicht stellen dat een verborgen homo-erotisch verlangen ervoor zorgt dat ik de zin van mijn bestaan ophang aan de speeltjes van mijn vriend. Dat ik, door getuige te zijn hoe hij zijn penis steeds weer verruilt voor een nog beter – want sneller en veelzijdiger en vooral glimmender – model dat hij vol trots aan mij kan tonen, mijn innerlijke driften bevredigt. En ik bevredig zijn driften, door betekenis toe te kennen aan zijn geslachtsverbetering. Zijn geslachtsverandering bestaat pas door mijn bevestiging. Mijn theorie over geluk en vergankelijkheid die zo prachtig alomvattend leek te zijn, wordt daarmee gereduceerd tot een schaamlap. Uiteindelijk is misschien wel de hele filosofie – die zo graag overal méér van wil maken, het banale overstijgen om het daarmee te ontkennen – een schaamteloze schaamlap.

Maar ik weiger daarin te geloven. Want als alles erotiek is, wat is erotiek dan nog? De E-Reader heeft een zijnswijze die in zichzelf en voor alles seksloos is. Er bestaan vele vormen van geluk, ongeluk is daar een van. En mijn ongeluk heeft de technische innovaties van een ander nodig om tot volle wasdom te komen. Pas dan bestaat de harmonie van mijn vriendschap met deze vriend; ons werkelijke geluk. Ik kan niet wachten op zijn iPad.

Kasper van Royen is redactielid van Felix & Sofie

92

Kasper van Royen