Copy-left

door Kasper van Royen

(18 maart 2010)

In de documentaire ‘RiP!: A Remix Manifesto’ pleit de Canadese filmmaker Brett Gaylor voor een mentaliteitsverandering op het gebied van intellectueel en cultureel eigendom.

Sinds het internet een integraal onderdeel van ons dagelijks leven geworden is, ligt alle muziek die ooit opgenomen is, alle films die ooit gemaakt zijn, slechts een paar muisklikken van ons vandaan. Volgens de Amerikaanse wetgeving is het downloaden van muziek en films een criminele activiteit en scholieren worden er op schoolpleinen voor gewaarschuwd niet het slechte pad op te gaan, zoals ze ook worden gewaarschuwd voor de gevaren van drugs en onveilige seks. In de documentaire wordt een alleenstaande moeder getoond, die een boete kreeg van 222.000 dollar voor het downloaden van 24 liedjes. Dat is een boete die betaald moet worden aan Capitol, het bedrijf dat de rechten van de liedjes bezit. De jurist Lawrence Lessig pleit ervoor dat het hele copyright-systeem op de schop gaat, omdat het niet meer zou passen in het culturele landschap waarin we ons bevinden. Omdat de enige tijd waarin het mogelijk kon passen de vorige eeuw was.

Een goede representant van het eenentwintigste eeuwse culturele landschap en een centraal figuur in de documentaire, is de laptop-artiest Girl Talk. Hij maakt muziek die uitsluitend bestaat uit de muziek van anderen. In slechts drie minuten weet hij elementen uit meer dan honderd liedjes te combineren, op zo’n wijze dat het als een vanzelfsprekend nieuw nummer klinkt. Overdag werkt Gregg Gillis, want dat is zijn echte naam, als celbioloog en besteedt in die hoedanigheid de meeste tijd aan het aanvragen van patenten. De juridische vaardigheden die hij daarmee opdoet kan hij goed gebruiken voor z’n nachtelijke activiteiten. Hij weet de wet vaak te omzeilen door de samples die hij gebruikt nét kort of onherkenbaar genoeg te laten zijn, maar vaak genoeg ook moet hij in de rechtzaal verschijnen. ’s Nachts treedt hij met zijn laptop op voor uitzinnige menigten. Gillis is zonder twijfel de populairste crimineel van Amerika. ‘RiP’ maakt duidelijk dat zijn technieken misschien modern en revolutionair lijken, maar de essentie van zijn werkwijze zo oud is als muziek zelf. Een band als The Rolling Stones deed in de jaren zestig niets anders dan het recyclen van traditionele blues-nummers. De melodieën vielen niet terug te voeren op een bepaald artiest die daar rechten aan zou ontlenen, maar ontstonden op de katoenplantages, waar muziek voor iedereen was en de absolute vrijheid belichaamde. Nu is de typische Stones-sound de interpretatie van die muziek, waardoor uit bestaande elementen iets nieuws, iets eigens, wordt gemaakt. Het is dan ook nogal cynisch dat de het bedrijf Jagger/Richards in de jaren negentig de band The Verve aanklaagde, omdat deze in een nummer gebruik had gemaakt van de strijkers uit een orkestrale bewerking van een Stones-nummer. Een kopie van een kopie van een kopie, een interpretatie van een interpretatie van een interpretatie. En het zogenaamde ‘origineel’ was zelf nooit iets anders dan goede namaak in de eerste plaats. Naar mijn idee niets anders dan wat kunst altijd geweest is, hoe het altijd heeft gewerkt, volgens de belanghebbenden en het rechtsysteem vuile diefstal.

Maar de grootste hypocriet in dit verband is toch wel Walt Disney. Disney was immers de sample-artiest pur sang, kijk maar naar alle sprookjes en fabels die hij geplunderd heeft om er nieuw werk van te kunnen maken. Het bedrijf Disney klaagt nu kinderdagverblijven aan waar Mickey of Donald op de muren geportretteerd staan. Ook de rechten van ‘Happy Birthday’ (geschreven in 1893 door de gezusters Hill) liggen in handen van ‘Ome Walt’. Wanneer je in een openbare ruimte langer dan dertig seconden dit lied zingt – bijvoorbeeld, omdat er iemand jarig is – kan je een schadeclaim aan je broek verwachten.

‘RiP: A Remix Manifesto’ is een film die mij erg aan het denken heeft gezet, vooral over het eigendom van cultuur. Aan de ene kant ben ik van mening dat de maker zijn product bezit. Het copyright is immers ook van oorsprong bedoeld om kunstenaars en wetenschappers te beschermen, niet om ze te belemmeren. Het is natuurlijk zo dat originaliteit niet meer is dan de eigenzinnigheid waarmee je de bouwstenen van het verleden interpreteert. Het is niet meer dan dat, maar toch ook zéker niet minder. Ik geef graag geld uit aan muziek, omdat ik de waarde wil kunnen uitdrukken die het voor mij heeft. Wanneer alles gratis zou zijn heeft het geen betekenis meer voor mij. Wat dat betreft ben ik nu eenmaal een kind van het kapitalisme en staan liefde en geld voor mij gelijk aan elkaar. Wanneer ik nooit eens een cadeautje voor mijn vriendin zou kopen, zou zij waardeloos voor mij zijn.

Aan de andere kant ligt de essentie van muziek, en misschien wel van kunst in het algemeen, er nu juist in dat zij van niemand is. Tom Waits zei ooit dat de mooiste muziek van de radio komt die je buren op hebben staan en die bij jou door het keukenraam naar binnen vliegt (de muziek, niet de radio). Het zijn geluidsgolven die je overvallen, je ontroeren. Het is per definitie geen bezit omdat je het niet vast kan grijpen, omdat niemand het vast kan grijpen.

En de stilte dan? Is die niet van ons allemaal? Een Britse band zette een nummer zonder geluid op hun plaat en werd vervolgens aangeklaagd door de erven van John Cage. Cage had met zijn geruisloze compositie ‘4.33’ de stilte geclaimd, omdat het stuk net zo kort of lang mocht worden uitgevoerd als de muzikanten dat wilden. Het zwijgen kan eindeloos worden opgerekt, maar ook een korte pijnlijke stilte mag je niet zomaar laten vallen in een geluidstudio. Maar natuurlijk is de stilte stiekem van ons allemaal. Nét als Happy Birthday en Mickey Mouse.

Wij moeten Mickey kunnen tekenen waar en wanneer we dat willen, want hij is een deel van ons allemaal, hij is wie wij zijn. Dit klinkt misschien allemaal een beetje sentimenteel, maar het zijn de moderne ontwikkelingen, het internet, de sample-cultuur, de kinderen van de 21e eeuw, die ons aan de mogelijkheden van ons menszijn herinneren. Want wie wij zijn staat nooit vast, is altijd afhankelijk van wat we willen worden. Mickey Mouse kan een atoombom zijn, of een geneesmiddel tegen kanker. Ik onderschrijf ieder geval het remix-manifest: wat we maken, bedenken, creëren, uitvinden, is van ons allemaal. Omdat het - met vanzelfsprekend dank aan grote geesten en genieën, mensen die op welke manier ook boven de rest uitstegen - altijd al van ons was.

Daarom roep ik iedereen op deze column naar eigen smaak te remixen, totdat het een nieuw product geworden is. Elke zin die meer dan drie woorden in dezelfde volgorde bevat, moet echter wel bij mijn agent ‘gecleared’ worden. Want ik lijk dan wel goed, maar gek ben ik toch zeker niet.

Kasper van Royen is redactielid van Felix & Sofie

90 / Laatst gewijzigd: 20-Maa-2010

Kasper van Royen