Passie voor vrijheid

door Hans Kennepohl

(2 april 2009)

U wordt oud. We worden allemaal oud. Maar ik ben al een klein beetje oud, een veertiger. Als ik denk aan mijn sterfelijkheid zie ik mezelf soms wegglijden in een zachte roes.

Mijn vervulde leven en gebrekkige lichaamsenergie doen me kalm verlangen naar verlossing, de verlichting van er niet meer zijn. Een gevoel dat briljant wordt weergegeven in Ich bin der Welt Abhanden gekommen van Mahler, een van de mooiste stukjes muziek ooit op deze aardbol bedacht. Maar net zo makkelijk slaat de schrik me om het hart. Pure paniek. Do not go gently into that night, but rage, rage against the dying of light! De dood is een groot onbegrip, een permanente bron van ultieme verwondering. Voor mij in ieder geval een van de redenen om te gaan filosoferen.

Maar nu is de theorie afgelopen en krijg ik praktijkles. Eerst is het proces alleen visueel. De aderen van mijn handen, die, als ik ze tenminste naar onderen hou, iets sterker omhoog komen dan normaal. Of niet? Ja toch! Alea iacta est, de teerling is geworpen. Daarna lachrimpels. Grijze haren. Terugtrekkende haarlijn en een buikje. Een paar jaar geleden had ik mijn eerste "functionele beperking". Nou ja, dat is wel wat zwaar uitgedrukt want deze term is meestal een eufemisme voor iemand zonder benen die niet “gehandicapt” genoemd wil worden. Na een nacht stevig doorzakken ontwaakte ik kotsmisselijk. Elke beweging leidde tot een totale verkramping en een helse koppijn. Ik kon alleen maar muisstil blijven liggen en wachten. Na tien uur celstraf in de kerker die mijn lichaam was geworden ebde de pijn godzijdank weg. Ik had nooit last van katers.

Muziekbeleving en uitgaansgedrag veranderen ook. Als broekie stond ik onbeschaamd Music is my First Love te jodelen voor de spiegel. Later was ska te gek, lekker springen. Waar de ska nog grappig en jongensachtig was, werd in de house de extase tot cultus uitgewerkt. Een Sehnsucht naar een oplossing van het ego in het genot. Ooit, tijdens een van die honderden bezoeken aan clubs en feestjes, zou dat moment komen waarop de muziek goed, warm en opzwepend was en iedereen vrij, vrolijk en vooral samen. Een ultieme samensmelting in een collectiviteit, een moderne carnavalroes. De uitgaanswereld was een parallelle wereld met andere normen, waarden en doelen en er volgde een jarenlange jacht naar de ultieme flow. Tot ik een aantal jaren geleden een out-of-body experience had. Niet van drugs, maar van nuchterheid. Ik zag mezelf dansen, maar zonder het gevoel, de noodzaak, zonder de “drive” te voelen.

Iets positiefs? Ja, de lust is op deze leeftijd in een prachtige tussenfase. Eindelijk ben ik geen testosteronkonijn meer die doet alsof hij dat niet is. Vrijwel elke vrouw die van ver af niet leek op mijn oma wekte verlangen op. Het is - kom hier! - heel intensief en ik denk - seks!- dat weinig vrouwen – meer! - beseffen hoe vermoeiend dat - heftig! - voor een man moet voelen - lekker! De productie van testosteron schijnt bij mannen vanaf 17 jaar met 3% per jaar af te nemen. Onder een bepaald niveau verlies je alle zin in seks. Brrr, daar ben ik gelukkig niet. Ik zit nu, zoals Aristoteles zo mooi zegt, in het optimale midden. Ik moet iemand nu leuk vinden om me echt aangetrokken te voelen en ben dus nu beter af. Recent ontving ik zelfs een extra bonus. In tegenstelling tot niet nader genoemde mannen in mijn omgeving blijk ik met het klimmen der jaren niet speciaal op jonge meisjes te vallen. Wat een hoop gratis zelfrespect! En het scheelt een dure sportauto en gezwoeg in de sportschool.

Maar de algemene boodschap is luid en duidelijk: mijn lichaam is over zijn absolute hoogtepunt heen. Ik ga passie inleveren voor vrijheid. Want ik heb wel het gevoel dat ik vrijer ben om te doen wat ik wil omdat mijn lichaam rustiger wordt. Ik kan meer tijd steken in de dingen die me intellectueel interesseren. Meer ontspannen omgaan met het leven, maar minder intens de lichamelijke genietingen ervaren. Op dit moment bevalt dat mij eigenlijk beter, hoewel ik het idee van de maximale extase af en toe wel mis. Deze kleine prijs van de passie weegt momenteel ruimschoots op tegen de grotere vrijheid. Uit onderzoek blijkt ook dat hoe ouder mensen worden, hoe gelukkiger ze worden. Hoge pieken en diepe dalen mogen dan intensiteit aan het leven geven, je schijnt er niet gelukkig van te worden.

Helaas zal uiteindelijk mijn lichaam ook mijn vrijheid gaan ontnemen. Je kunt het nooit voorspellen, maar misschien word ik uiteindelijk wel permanent opgesloten in de Platoonse kerker die ik met mijn zware kater even kort mocht beleven. Gelukkig heb ik nog een aardige levensverzekering. Van alle beroepen pieken filosofen het meest op hoge leeftijd. Aristoteles vond al dat mensen onder de 35 jaar niet in staat waren tot filosofie. De zoektocht naar het begrip, die blijft over. Tot op hoge leeftijd hoop ik nog een intens genot voelen bij een goede gedachte of een mooi inzicht. Zoals deze column er voor mij ook een is.

Hans Kennepohl is redactielid van Felix & Sofie

80

Hans Kennepohl