Tegen het verval van de retorica

Tacitus

Politieke omstandigheden en welsprekendheid zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. De retorica, de juridische en politieke welsprekendheid, gedijt nu eenmaal ten tijde van maatschappelijke onrust, waarin sociale, politieke of juridische misstanden aan de orde gesteld kunnen worden, zonder al te veel beperking van de vrijheid van meningsuiting.

In de Dialogus de oratoribus stelt de geschiedschrijver Tacitus (56-119) de vraag aan de orde, hoe het komt dat zijn tijd verstoken is van talentvolle redenaars. Wat zijn de oorzaken van het verval van de retorica? Is het de deplorabele staat van het onderwijs, de onverschilligheid in de opvoeding, het verval van waarden en normen?
In een tijd van politieke rust en orde, waarin de meningsuiting beperkt is of beknot wordt, is men voor de keuze gesteld. Of men schaart zich in de gelederen van de politieke en bestuurlijke macht, omhelst het moderne leven en verwerft geld, succes en aanzien. Of men keert zich af, en trekt zich terug op het land om zich aan literatuur of geschiedschrijving te wijden.

Tegen het verval van de retorica markeert Tacitus' overstap van pleidooi naar geschiedschrijving, zijn wending van gevierd redenaar en succesvol politicus naar historicus, schrijver van de Annalen en de HistoriŽn.

De dialoog is vertaald door Vincent Hunink en van een uitvoerig voorwoord voorzien door Piet Gerbrandy.

Dit is het elfde deel in de serie Filosofie & Retorica onder redactie van Keimpe Algra, Jeroen Bons, Wessel Krul, Marc van der Poel en Theo Verbeek.

976

Tegen het verval van de retorica

Tegen het verval van de retorica

Tacitus
(Vertaald door Vincent Hunink en van een voorwaard voorzien door Piet Gerbrandy)

 

mrt 2010, Historische Uitgeverij
ISBN: 9789065540577
116 pagina's, Paperback