Godzijdank
Als God 'ter sprake' komt?

P. Lepers

God is dood'. Zo liet Friedrich Nietzsche het in de 19de eeuw de dolle mens verkondigen. Het waren blijkbaar profetische woorden, want langzaam maar zeker is de rol van God, godsdienst en geloof alsmaar kleiner geworden in het leven van de moderne westerse mens. Dat lijkt vandaag de dag niet anders, ook al horen we hier en daar roepen: 'God is back!'

Wat er ook van zij, God is nog altijd aanwezig in de taal. Het woord 'God' wordt nog steeds dagelijks gebruikt, zowel bijvoorbeeld in het modieuze 'Oh my God!', het oude 'godzijdank' als in het doordeweekse 'gvd'. Als het waar is dat er een band bestaat tussen 'taal en zijn', dan is God dus nooit gestorven. Hij betekent hoe dan ook nog steeds iets, in een spreken dat gelovigen en ongelovigen delen.

Aan de hand van een aantal casestudies wordt bekeken wat dit woordgebruik allemaal impliceert. Wat heeft dit overleven van God in onze taal precies te betekenen? Hoe komt God eruit? Welke plaats kunnen dit soort uitdrukkingen bovendien krijgen in een manifest gelovige beleving?
Aan bod komen dan meer bepaald expressies zoals: 'godallemachtig', 'godzijdank', 'god mag het weten', 'gvd', 'alles wat God verboden heeft', 'om de liefde Gods' en 'in godsnaam'.

Uiteindelijk mondt dit onderzoek uit in het vermoeden dat onze taal zonder dat wij het altijd goed beseffen een diep wantrouwen herbergt tegenover de moderne idealen van een almachtige mens en een maakbare wereld. Overblijfselen van een archa´sch wereldbeeld of onverwoestbaar intu´tief en diep levensinzicht?

Hoe in een wereld die nagenoeg compleet van God los lijkt te zijn, de taal van alledag toch bezaaid blijft met al dan niet bewuste toespelingen op het Opperwezen. Lepers biedt een opmerkelijke verklaring voor dit fenomeen die veel te denken geeft.

1118

Godzijdank

Godzijdank
Als God 'ter sprake' komt?

P. Lepers

 

okt 2010, Klement/Pelckmans
ISBN: 9789086870714
140 pagina's,